Belgisch Forum voor Preventie en Veiligheid in de Steden

Thema’s

Project tot het installeren van “ externe containers voor gebruikte spuiten” in het Brussels Gewest. (R.E.S.U.)

1. Voorwoord: vermindering van de risico’s verbonden aan het intraveneus gebruik van drugs - preventie als strategie

De bloedbesmetting via het delen of opnieuw gebruiken van injectiespuiten is binnen de groep van drugverslaafden de belangrijkste oorzaak van het doorgeven van virussen.
Tegenover deze problematiek is de vermindering van de risico’s een preventiestrategie gebaseerd op het principe dat zero risico niet bestaat. Zij beoogt het druggebruik noch aan te moedigen noch te ontmoedigen. Het doel is de besmetting door het Aids-virus, de virale hepatitis en andere infectieziekten veroorzaakt door het delen en opnieuw gebruik van de spuiten, te verminderen. Dit is een pragmatisch antwoord gebaseerd op de hypothese : indien een drugverslaafde niet wil of niet kan afzien van het druggebruik moeten wij hem helpen de risico’s voor hem en de anderen te verminderen. Er bestaan verschillende strategieën die het beperken, van de verspreiding van virussen via inspuiting, beogen. Zo is de uitwisseling van spuiten, zowel in België als in andere Europese steden de uitstekende benadering om toe te zien dat de druggebruikers proper spuitmateriaal gebruiken.

2.De uitwisselingsbanken voor spuiten

Een uitwisselingsbank voor spuiten is een plaats waar de druggebruiker al het steriel materiaal nodig voor het inspuiten kan vinden en waar hij ook het gebruikte materiaal kan afgeven. Momenteel zijn in Brussel 3 diensten werkzaam in dit domein. 2 diensten hebben een vaste plaats; de CLIP en LAIRR en de derde dienst is mobiel: DUNE. Deze benadering is een methode om in contact te komen met de druggebruiker en is tevens een economische manier om raad te geven en vergemakkelijkt de toegang tot behandelingen. Het is bewezen dat het toenemend aanbod van materiaal de verspreiding van Aids afremt en de beperkte aanwezigheid ervan de verspreiding versnelt. Er bestaat geen enkel bewijs dat de drugconsumptie toeneemt in de groepen waar uitwisseling van spuiten mogelijk is. Wij zijn van mening dat de uitwisseling van spuiten een afdoend middel is om banden te leggen tussen de druggebruiker en het hulpnetwerk. Deze manier van werken wordt niet beschouwd als een negeren van het druggebruik maar als een middel om de gebruikers te sensibiliseren. Wij zijn van mening dat de bestaande dispositieven nog verbeterd kunnen worden via het ter beschikking stellen van aanvullende middelen.

3. Vaststelling

Ongeacht het ter beschikking staan van uitwisselingsbanken en andere dispositieven die het teruggeven van gebruikt materiaal toelaten stelt men vast dat dit gebruikte materiaal vaak nog in openbare plaatsen wordt achtergelaten. Uit een door de LAIRR in 2002 uitgevoerde enquête blijkt dat 30 % van de gebruikers het gebruikte materiaal achterlaten op de plaats van consumptie.

Een aanzienlijk aantal gebruikers wensen hun gewoonten te veranderen en zijn instaat dat te doen en dit om de risico’s van besmetting te minimaliseren. Wij denken dat een blijvende gedragsverandering mogelijk is indien aangepaste en pertinente boodschappen en preventiediensten verspreid en aangeboden worden. De beschikbaarheid en gemakkelijke toegang zijn fundamenteel. De diensten hebben echter een beperkte geografische spreiding, stellen geen recuperatie van de spuiten voor of zij zijn niet steeds toegankelijk.

Een dispositief dat toelaat zich gemakkelijk te ontdoen, op gelijk welk moment en op een totaal veilige manier van gebruikte spuiten, bestaat in de vorm van automatische “recuperatoren”(invordering).

Brussel en haar gewest beschikt in tegenstelling met andere grote Europese steden nog niet over dit soort automaten die hun doelmatigheid bewezen hebben.

Het bestrijden van de risico’s van druggebruik kan niet wachten. Elke dag stellen mensen zich bloot aan deze risico’s en elke dag worden mensen besmet. Het opstarten van nieuwe werktuigen dringt zich op.

4. Project: installatie van R.E.S.U. ( externe containers voor gebruikte spuiten)

In antwoord op de hierboven vermelde problematiek beoogt het project gebruikte spuiten terug te krijgen via automatische containers. Deze zouden geplaatst worden in de buurt of de ingang van gemeentelijke diensten die betrokken zijn bij de drugproblematiek.
De vzw Transit, initiatiefnemer van de uitwisselingsbank LAIRR, heeft dit soort dispositief, waar men gebruikte spuiten kwijt kan, al gerealiseerd. Het gaat hier om een metalen doos die een container bevat die gebruikte spuiten recupereert. Dit dispositief bevindt zich aan de ingang van Transit en is dus 24 op 24uur beschikbaar.

Dit pilootproject kan gerealiseerd worden in de buurt van drugconsumptie of diensten die in contact staan met druggebruikers. Het beantwoordt aan een bestaande behoefte..De financiële kosten zijn beperkt gezien de positieve repercussie ervan.

5. De doelgroep

Dit gaat niet enkel de druggebruikers aan maar ook de burger, die wenst de gemeenschap te beveiligen tegen de risico’s van besmetting. Wij denken in het bijzonder aan stadswachten, straatwerkers, buren , straatvegers enz.. Het project laat toe een dienst aan te bieden aan mensen die anoniem willen blijven.

6. Doelstellingen

6.1. In termen van milieu

Verbeteren van de situatie van de buurt door het verminderen van rondslingerende spuiten. Verzekeren van het recupereren, in de meest optimale voorwaarden, van gebruikte spuiten. Dit systeem heeft een directe invloed op openbare properheid.

6.2. In termen van volksgezondheid

Door het recupereren van gebruikt materiaal vermijdt men het doorgeven van virussen; dit heeft een directe en positieve terugslag in termen van volksgezondheid.

6.3. In termen van preventie

Preventie benadrukken door het ontwikkelen van een project dat beantwoordt aan de realiteit en problematiek van het terrein. Het project is zowel gericht op de druggebruiker als op de burgers en sociale werkers.
Het is op een vernieuwende en aanvullende manier beantwoorden aan de problematiek van druggebruikers die om diverse redenen nog moeilijkheden hebben met het zich ontdoen van gebruikt materiaal. Het beantwoordt ook aan het probleem van de gewone burger die niet weet wat te doen met het gevonden materiaal.

7. De verwachte resultaten (voordelen)


De “RESU” een werktuig dat de risico’s vermindert laat een flexibele en dichtbij zijnde dienst toe. Het komt tegemoet aan de burgers en druggebruikers van de wijk zelf en optimaliseert het recupereren van gebruikt materiaal. Op deze wijze zijn burger en druggebruiker beschermd. Voor de burger in het bijzonder wordt de kans op besmetting door achtergelaten spuiten sterk verminderd. Men vergemakkelijkt ook de taak van gemeentewerkers die afval en o.a. gebruikte spuiten moeten opruimen. De “RESU” is ook een flexibel werktuig dat van ligging kan veranderen en dit in functie van de noden, de consumptie en verkoop van drugs.

Het installeren van dergelijk dispositief vereist de medewerking van de verschillende sociaalwerkers op het terrein: zij worden ertoe gebracht hun inspanningen te coördineren en dit leidt tot een verbetering van de kwaliteit van de diensten.

De verenigingsstructuur van een buurt wordt gemobiliseerd voor een discrete maar zichtbare actie. De deelname van de inwoners aan het leven in de buurt wordt gestimuleerd. Voor het bepalen van de plaats in de wijk van dergelijke RESU dispositieven wordt de bevolking geraadpleegd. Dit leidt tot een voortdurend overleg waarin eenieder een belangrijk figuur is in de vermindering van de risico’s. Voor de politieke gemeentelijke mandatarissen betekent dit dispositief, naast een weerklank via de media voor het plaatsen ervan, een vrij goedkoop middel om de risico’s van druggebruik te bestrijden. Het is een werktuig dat op een concrete en zichtbare manier de burgers en dus ook de druggebruikers aantoont wat de gemeente ter beschikking stelt om deze problematiek, die iedereen aangaat, te beteugelen.

De gemeenten of wijken waarin toxicomanie schade veroorzaakt worden nu voorzien van een preventief werktuig dat tot nu toe niet bestond of niet aangepast was. De bestaande diensten kunnen in dit nieuw dispositief een bijkomend middel vinden.

Wij willen er nogmaals op wijzen dat Brussel en het gewest nog steeds niet over zulke dispositieven beschikt.

8. Werking van het dispositief “RESU” en de bestaande middelen.

8.1. de bestaande middelen

De vzw Transit, initiatiefnemer, beschikt reeds over een model van automatische recuperatie
dat sinds 2004 actief werkt en dat als referentie kan beschouwd worden.

De uitwisselingsbank LAIRR kan het maken van 4 “RESU” financieel op zich nemen: zij worden toegekend aan 4 eerste diensten die dit vragen. Het plaatsen van het “RESU” dispositief is ten laste van de diensten zelf.

De LAIRR kan ook, teneinde het opstarten van het project te vergemakkelijken, aan dit project recuperatiecontainers toekennen en zorgen voor het ophalen van de gevulde containers.
Transit en LAIRR kunnen ook 2 personeelsleden, gespecialiseerd in het doen verminderen van de risico’s, vrijmaken om indien nodig de activiteit “RESU” op te starten.(sensibiliseren en opleiden m.b.t. het doen verminderen van de risico’s, manipulatie en gebruik van materiaal). Dit is ook een garantie voor de autoriteiten die voor zulk project gewonnen zijn.

8.2. de werking

8.2.1. waar vestigen?
“RESU” een pilootproject is aanvankelijk voorbestemd om geplaatst te worden op een beperkt aantal locaties. De concrete lokalisatie wordt bepaald door de autoriteiten en de werkers op het terrein.
De meest simpele en economische manier om het project te ontwikkelen is te rekenen op de gemeentelijke diensten. Het plaatsen van de “RESU” dispositieven bij de ingang van enkele van deze diensten lijkt dus interessant. Het onderhoud en toezicht ervan kunnen verzekerd worden door het personeel verbonden aan deze diensten evenals de publiciteit en de informatie erover. De modaliteit voor plaatsing kan gewijzigd worden in functie van de bekomen resultaten en vastgestelde behoeften. Bij het vastleggen van de locaties worden de plaatsen gekend voor drughandel en consumptie bevoordeeld maar er wordt toch gelet op het niet stigmatiseren van buurten en hun inwoners. De literatuur daarover bepleit het plaatsen van dispositieven op neutrale plaatsen, niet geïsoleerd maar daar waar er veel doorgang is
Het spreekt voor zichzelf dat men ook moet rekening houden met de ligging van scholen, apotheken, lokalen van de politie, post en verenigingen. Het gaat erom een compromis te vinden tussen de criteria van bereikbaarheid en acceptabiliteit.

8.2.2. Samenwerking:
Met het oog op een buurtplan zowel voor de gebruikers als de sociale werkers is het heel belangrijk de straatwerkers erbij te betrekken. Deze straatwerkers kennen zeer goed de buurt en hun gewoonten en zijn dus voor verschillende redenen onmisbaar voor een goed verloop van de activiteit: - de druggebruikers en de inwoners op de hoogte brengen van de preventiemaatregelen gerealiseerd door de “RESU”. Het gaat niet enkel om publiciteit maar er wordt specifiek aandacht geschonken aan de vrees en bezorgdheid dat een nieuw project kan veroorzaken.
. . . – de beheerders van de “RESU” bewust maken van de specifieke realiteit van en eigen aan het actieterrein, het klimaat van het moment, de noden en belangrijkste moeilijkheden.

Ter info

Thema's van dit artikel

Andere artikels met hetzelfde thema

Laatste update

2017 “Security, Democracy & Cities” Conference: registration opens on 9/03/2017
15 November 2017

15-17 November 2017, DHUB, Barcelona Organised by the European Forum for Urban Security (...)...

Thema's

Agenda

24
10
2017


13
06
2017


28
05
2017